Voorlichtingsmiddag: “Wat doet Voeding met Reuma?”

Voor deze bijeenkomst in de aula van het Jeroen Bosch Ziekenhuis te 's-Hertogenbosch, was een overweldigende belangstelling van bijna 250 bezoekers. Een thema wat zéér aanspreekt, gezien ook de vele bezoekers van ver buiten onze regio.

Dr. J.R. Tisscher hield een animerende en interessante spreekbeurt. Een bewijs van jarenlange ervaring. De betekenis van ons voedingspatroon t.a.v. reuma werd van diverse kanten belicht.
Om een volledige kuur met succes te ondergaan zoals Tisscher die voorschrijft, vereist echter veel wilskracht en doorzettingsvermogen.
Mevrouw M. Bongers gaf met haar diëtisch verhaal een prima aanvulling op dr. Tisscher. Ondanks dat zij enige terughoudendheid t.a.v. de opvattingen van dr. Tisscher niet schuwde, kennen zij elkaar lang genoeg om dat te accepteren.
Verrassend was de inbreng van de Deense firma Pharma Nord, vertegenwoordigd door
dr. ir. S. Loman . Een geheel eigen presentatie van de betekenis van bepaalde elementaire voedingsstoffen voor ons lichaam onder het motto van: “Specifieke voedingsstoffen helpen bij reumatische klachten”.

Kortom, een zinvolle middag, bestaande uit waardevolle informatie, een vleugje humor, een enthousiaste presentatie en een grote belangstelling.


Samenvatting presentatie dr. J.R. Tisscher, reumatoloog/klinisch ecoloog, themabijeenkomst “Wat doet Voeding met Reuma”, Reumapatiëntenvereniging 's-Hertogenbosch e.o., Jeroen Bosch Ziekenhuis (W.A.), 12 november 2003

Bij het woord reuma denkt men direct aan spier- en gewrichtspijnen, stramheid en op den duur verkromming van de gewrichten. Reumatische aandoeningen die gepaard gaan met ontstekingen staan bekend als auto-immuun ziekten, wat betekent dat het afweersysteem het eigen lichaam aanvalt. Al filosoferende zou dit gebeuren ook vertaald kunnen worden in “dat je het jezelf aandoet”; dat je eigen afweersysteem door je onwetendheid ontspoord geraakt is. Wat had je dan kunnen weten, en waardoor zou je gewaarschuwd moeten zijn? Ten eerste staat niemand er bij stil dat de voeding altijd een rol speelt bij chronische aandoeningen. Op zijn minst moet je eten om in leven te blijven! De mens is een alleseter. Bij chronische ziekten moet men zich afvragen of dat nog geldt of dat men zich meer moet richten op een vegetarische voeding. Is men wellicht een vleeseter?
Ten tweede is er een genetische achtergrond. Hebben je ouders een natuurlijke selectie ondergaan. Door de eetgewoonte van “het volk” eten de meeste kinderen wat “het volk” eet. Bij elke geboorte is het de vraag of je wel de geschikte genetische variatie voor het leven hebt meegekregen in de betreffende maatschappij. Naast de voedingswaarde van het voedingspatroon, waarbij voldoende vitaminen, mineralen, aminozuren, vetzuren en een bepaalde zuurgraad aanwezig moeten zijn, is de vraag of het eten voldoende verteerd wordt door de darmen waardoor het zenuwstelsel, het ontgiftingsstelsel, het hormoonstelsel en het immuunsysteem normaal kunnen functioneren.
De voeding is het medicijn van het leven. Maar, medicijnen hebben bijwerkingen, zo ook de levensmiddelen die gegeten worden. Kent u de bijsluiter van melk?
De bijsluiter van melk: (de voedingsanalyse leert dat de volgende ziektebeelden veroorzaakt (kunnen) worden door melk: Acute anaphylactische reactie (shock); ziekten van de ademhalingsorganen: neusverkoudheid, bronchitis, astma; syndroom: longontsteking, middenoorontsteking, piepen op de borst en bloed ophoesten; huidziekten: atopische eczeem, netelroos, oedeem oogleden, dermatitis; maagdarmziekten: langdurige diarree, recidiverend overgeven, buikkrampen, dikke darmontsteking, bloedarmoede t.g.v. darmbloedingen; ziekten van het zenuwstelsel: dufheid en slaperigheid, intense moeheid, prikkelbaarheid en overmatig huilen; oogklachten bij patiënten met allergische stoornis van voedselopname door de darmen, veroorzaakt door sommige koemelkeiwitten; Huid- en gewrichtsafwijkingen door een zieke darm; acute dood. En bij bijna 50%van de reumapatiënten doet melk het ziektebeeld verslechteren.
Verder is steeds duidelijker dat genetische aanleg aanwezig moet zijn om een bepaald soort reuma te kunnen krijgen.
Bij meer dan de helft van mensen met gewrichtsklachten komen naast deze klachten ziektebeelden voor die vaak op een allergie gebaseerd zijn, zoals astmatische bronchitis, eczeem, hooikoorts of migraine. Ze hebben vaak hetzelfde verhaal: het beeld is sluipend begonnen (een infectie begint acuut), is constant aanwezig (een lichamelijk gebrek), is verspringend van aard (ik word gewaarschuwd door het zenuwstelsel) en het wisselt in intensiteit van dag tot dag (het heeft te maken met het leefpatroon: met name werk, voeding, stress). De ene dag kan men alles, de andere dag niets. De ene dag zijn de gewrichten dik, gezwollen en pijnlijk. De andere dag is alles soepel, minder pijnlijk en minder opgezet.
De reuma kan zich reeds op jonge leeftijd openbaren (jeugdreuma). Van deze categorie berust een groot deel op voedingsintolerantie of –allergie. Bij het tijdig herkennen van deze voedingsartropathie (combinatie van allergie en gewrichtspijn) kan voor het kind veel ellende in de toekomst worden voorkomen. Het beeld blijft weg zolang de gewraakte levensmiddelen gemeden worden. Er zijn uiteraard typen jeugdreuma die een andere oorzaak hebben. Anderzijds kunnen ziektebeelden, veroorzaakt door artropathie op jonge leeftijd, op oudere leeftijd omslaan in reumatoïde artritis. De meest bekende hiervan is het overgaan van migraine en het ontstaan van spier- en gewrichtsklachten. Zo ook het ontstaan van reuma bij astmatische bronchitis patiënten en omgekeerd. Men denkt dat beide beelden worden veroorzaakt door aandoeningen van de slijmvliezen. Bij astmatische bronchitis zijn het de slijmvliezen van de luchtwegen en bij reuma de slijmvliezen van de gewrichten. Ook kunnen spier- en gewrichtsklachten beginnen tijdens of na de overgang.
Vaak wordt het geweten aan de verandering van de hormonen, doch wie staat er bij stil dat menigeen grijs is. Grijs haar is nogal eens het eerste teken van glutenintolerantie. Voorts is het een aanduiding dat door het leefpatroon in het verleden verschillende tekorten aan vitaminen en mineralen zijn ontstaan. Men raakt gebrild en rijdt liever 's avonds geen auto. Dit zijn tekenen van vitamine A-, B1-, B2-, B3- en /of zinkgebrek. In het lichaam treedt een verandering van het hormoonstelsel op en ontstaat een atrofie van de thymus, een belangrijke klier voor het regelen van de activiteit van de T-cel. Vitamine A is nodig om via cholesterol de voorlopers van de mannelijke en vrouwelijke hormonen, het plashormoon en corticosteroïden aan te maken. Door deze verstoring raakt het immuunsysteem van slag. Voor het normaal functioneren van het immuunsysteem zijn Vitamine A, B5, B6, B9, B12, C, E, bèta-caroteen, zink en ijzer nodig. Men moet dus meer levensmiddelen eten die deze stoffen in hoge concentratie bevatten, doch vaak is er een stofwisselingsstoornis van de darmen ontstaan waardoor deze stoffen alleen in megadoses tot normaal functioneren van het lichaam kan leiden. Hieruit blijkt de zogenaamde vitamineafhankelijkheid van het lichaam.

Artrose  
De ouder wordende mens wordt verder bedreigd met het ontstaan van artrose van de gewrichten. Het is een aandoening waarbij het kraakbeen te lijden heeft onder de tekorten die ontstaan zijn door het eetpatroon en de stofwisseling. Artrose geeft meestal alleen bewegingsklachten. Indien het spontaan pijn geeft is er sprake van een voedingsallergie of chemische intolerantie. Het kraakbeen, waarvan men gedacht had dat het zich niet kon herstellen, kan momenteel vaak goed regenereren met extra gebruik van eiwitten, glucosamine, chondroïtine-sulfaat, vitamine C en E, mangaan, zink, koper en selenium.
Een kraakbeen beschermend middel moet voldoen aan de volgende criteria:
1. De chondrocyt aanzetten tot het hervatten van een verhoogde macromoleculensynthese (glucosamine     glycanen, proteoglycanen, collageen, proteine, RNA en DNA).
2. Het verhogen van de synthese van hyaluron, de substantie die de viscositeit van het gewrichtsvocht mede     bepaalt (doch ook een bestanddeel is van de slijmerige bacteriekapsel van coccen).
3. De enzymen remmen die de kraakbeen macromuleculen afbreken.
4. De thrombi, fibrine, lipiden en cholesterol (kristallen) mobiliseren/voorkomen.
5. De gewrichtspijnen doen afnemen.
6. De gewrichtsslijmvliesontsteking afremmen.
Glucosamine ondersteunt 1, 2, 5 en 6. Chondroïtine 1, 3, 4, 5 en 6, in combinatie met de genoemde vitaminen en mineralen. Het gebruik van de juiste combinatie van voedingssupplementen doet bij menig artrotisch gewricht of chondropathie (patella) de pijn verdwijnen. De soepelheid van het bewegen verbetert, de loopafstand en belastbaarheid neemt toe en de synovitis na belasting verdwijnt eerder (uren in plaats van dagen).
Een ander probleem is de ontkalking van het bot (osteoporose). De kalk en mineralen worden in het begin van het leven opgeslagen om na het 30 e jaar langzaam te worden afgebroken. Dit proces wordt versneld door het gebruik van levensmiddelen die de kalkopname en –uitscheiding vergroten (b.v. koffie, gebrek aan magnesium of vitamine D). Daarnaast neemt na deze leeftijd de concentratie van het dehydroepiandrostreon (DHEA-S) af. Dit wordt voornamelijk in de bijnieren aangemaakt en is na de overgang de grootste leverancier voor de oestrogenen en testosteron. Na de overgang speelt ook verandering van de hormoonconcentraties een grote rol. Een te lage concentratie is te herkennen aan een droge gerimpelde huid, een droge schede en artofie van de borsten. Het zijn tekenen dat een hormoonsuppletie plaats moet vinden indien men vitaal wil blijven. Naast het corrigeren van mineraalgebreken kan tegenwoordig botaanmaak onderhouden worden door het remmen van de botafbraak middels het gebruik van difosfonaten. Het stimuleren van botaanmaak gebeurt via het gebruik van fluoride tabletten. Voorts kan de genetische vatbaarheid voor botafbraak ook bepaald worden. Men hoeft bij Osteoporose niet steeds alleen naar oestrogenen te grijpen.

De voedingsanalyse
Uit het voorgaande is duidelijk dat er voor de reumapatiënt geen standaarddieet bestaat. Er wordt meestal geadviseerd om geen vlees te eten, daar vlees een grote bron van arachidonvetzuren is (de voorloper van de pijnmakers en ontstekingsmediatoren), hetgeen dan in tweede instantie behandeld moet worden met pijnstillers. Maar de pijn bij reumatische aandoeningen is niet altijd een prostaglandine-pijn. Het kan ook een zenuwpijn zijn op basis van een tekort aan vitaminen of een gebrek aan de eigen aanmaak van endorfine, de natuurlijke morfine van het lichaam. De voedingsanalyse is derhalve een methode om na te gaan of een deel of het totale beeld van de reumatische aandoening of ME veroorzaakt wordt door een voedingsallergie of –intoletantie. Nadat gebleken is dat het klachtenpatroon niet veroorzaakt is door één van de onderstaande factoren, kan gestart worden met de voedingsanalyse: een vitaminen-, mineralen-, vetzuren- of aminozurengebrek; een verteringsstoornis in de darmen; een dysbiose in de darmen;
een stoornis in het hormoonstelsel; een bekende stofwisselingsstoornis veroorzaakt door een verhoogd urinezuurgehalte in het bloed.
Naast gelaatstrekken die een allergisch reageren doen vermoeden (o.a. bepaalde plooien bij de ogen en de neus, kleur van de huid) wordt er naar het huidtype gekeken. Bij benadering geeft het een aanwijzing voor het bestaan van een intolerantie voor zuivel, tarwe of nachtschade (zoals aardappel, tomaat en paprika). Ook de eventuele gevoeligheid voor suiker is soms aan de huid af te lezen. Dan volgt het bijhouden van de dagelijks gebruikte voeding en het noteren van de daarna aanwezige gewrichtsklachten. Vaak wordt de huidtest op voedingsallergenen toegepast. Bij de positieve huidtesten blijkt echter dat slechts 5 tot 10% bij provocatie inderdaad een toename van de gewrichtsklachten teweeg brengen. De zogenaamde Alcat allergietest heeft meer resultaat, hierbij wordt de verandering van de grootte van de witte bloedlichaampjes bij de aanwezigheid van voedingsallergenen geregistreerd. Het nut van deze test blijkt vooral bij kinderen met jeugdreuma. Het probleem van de voedingsanalyse bij gewrichtslijders is vaak dat het gewricht reageert met een vage zwelling en stijfheid waarbij de alertheid niet zo duidelijk wordt gewaarschuwd als bij het ontstaan van gewrichtspijnen.
Middels de anamnese wordt ook duidelijk of er sprake is van een chemische intolerantie. Deze categorie van patiënten klaagt vaak over het feit dat ze van auto-uitlaatgassen, verfgeuren, chloor en/of parfum allerlei klachten krijgen, vaak gepaard gaand met misselijkheid of benauwdheid. Deze groep moet dan ook alert zijn op de toevoegingen in het eten.
(Bijvoorbeeld: Zwaveldioxide in de lucht vormt met mistdruppeltjes metabisulfiet, dat als conserveringsmiddel gebruikt wordt als nummer E220). Anderzijds moet bij gevoeligheid voor zwavelhoudende levensmiddelen rekening gehouden worden met een tekort aan vitamine B6 of B12. Bij klachten die ontstaan in een belast milieu is de oorzaak vaak een overbelast ontgiftingsstelsel.
De afgenomen capaciteit om te ontgiften wordt met name veroorzaakt door een gebrek aan zink, vitamine B3 en B5 of molybdeen. Voor het opheffen van deze tekorten moeten eveneens de eetgewoonten worden aangepast.

Reinigingskuur
De gouden regel is en blijft een reinigingskuur door middel van een vastenperiode op geschikt bronwater in combinatie met voedingssupplementen die verdragen worden. Er kan gevast worden van 4 tot 10 dagen (meestal 4 a 5, omdat de meeste patiënten dan al duidelijk zijn opgeknapt).

Provocatie
Bij de provocatie met de gebruikte levensmiddelen ontstaan er klachten, meestal 30 à 60 minuten en vaak al eerder. Dit kan nagegaan worden met een druppeltest, waarbij 2 druppels van het allergeen onder de tong worden gedruppeld. Het gewrichtsklachtenpatroon kan ontstaan binnen seconden of binnen een kwartier. Bij een snelle reactie is er een hogere verdunning van het gebruikte allergeen nodig om het klachtenpatroon te doven. Bij een langzamere reactie zijn minder verdunde antigenen nodig om het klachtenpatroon tot rust te brengen. De genezingskracht is te vergelijken met homeopathie. Bij de andere categorie van de wijze van reageren ontstaan de gewrichtsklachten op latere momenten. In sommige gevallen moet het levensmiddel 2 tot 3 dagen achter elkaar gegeten worden voor dat het gewrichtsproblemen kan oproepen. Deze dosisafhankelijke methode is over het algemeen een indicatie van gewrichtsklachten veroorzaakt door enzymtekorten. Bij deze categorie patiënten is het beter om te werken met combinatiediëten. Het combinatiedieet houdt rekening met het feit dat verschillende levensmiddelen door hetzelfde type enzym wordt verwerkt. Indien het enzymsysteem nog bezet is kunnen de overige moleculen onverwerkt in de bloedbaan terecht komen met een immunologische reactie op deze onverwerkte stoffen als gevolg.

Welke producten
De meeste voorkomende levensmiddelen die gewrichtsklachten geven of doen verergeren zijn zuivelproducten, eieren, varkensvlees, rundvlees en kip. Als eiwitbron geeft vis over het algemeen de minste klachten. Tarwe geeft vaker problemen dan nachtschadenproducten, peulvruchten en rijst. Bij groenten is de kans meestal minder dan 30% dat het niet verdragen wordt. Bij fruit zijn de meeste problemen te verwachten bij sinaasappels en appels. Er is echter geen levensmiddel dat iedereen kan verdragen (sommige mensen reageren zelfs op leidingwater). Voor mensen met een chemische intolerantie kunnen levensmiddelen die verpakt zijn in plastic problemen geven (terwijl dezelfde producten die in een andere verpakking zitten wel verdragen worden).

Tot slot
In mijn praktijk lijkt ook het gebruik van goudtabletten of goudinjecties, methotrexaat of azathioprine uitkomst te bieden. Deze geneesmiddelen kunnen het reactiepatroon, van het afweersysteem ten opzichte van de levensmiddelen opheffen waardoor er uitgebreider gegeten kan worden.
Sulfasalazine heeft naast een aspirineachtige invloed op het afweersysteem ook nog een bacteriedodend effect vooral op de streptococcen van de ontlasting met als resultaat dat de activiteit van de gewrichtsontsteking tot rust komt.
Samenvattend kan gesteld worden dat mensen met een reumatische aandoening baat kunnen hebben bij het volgen van een voedingsanalyse. Indien er slechts een voedingsallergie of –intolerantie is, verdwijnt het beeld indien er niet gezondigd wordt. Bij alle andere oorzaken moet bekeken worden of de eetgewoonten een gezond patroon bevatten en zo nodig verder medicamenteus worden ingegrepen.
In de praktijken is het nu mogelijk om de genetische vatbaarheden voor het Immunologische reageren, de beperkte Detoxificatie, de botafwijkingen en hart & vaatlijden profiel naast het allergisch en overgevoeligheid via een bloedmonster te laten bepalen. Op basis hiervan kan een doelgerichter behandeling plaats vinden. Het is alleen nog prijzig en wordt niet vergoed door het ziekenfonds c.q. verzekering.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Enkele vragen die gesteld werden door het publiek

Vraag: Is Supradyn 50+ een goede aanvulling?
Antw.: Ja, dat is een goed middel om te nemen, soms heb je het in de dubbele dosis nodig. Het is ook verstandig om het het hele jaar door te slikken.

Vraag: Kan een zelfde voedingsmiddel verschillende problemen bij verschillende mensen geven?
Antw.: Ja, dat is heel goed mogelijk.

Vraag: In brood zit jodium, kan dat problemen geven?
Antw.: Jodium kan pijn veroorzaken, maar je hebt het nodig voor de goede werking van de schildklier. Alleen kan de één er beter tegen dan de ander.

Vraag: Hoe komt het dat je huid soms zo gevoelig is dat je zelfs niet kan strelen?
Antw.: Het lichaam moet zelf morfine aanmaken. Als dat niet voldoende gebeurt kan je die verstoring krijgen.

Vraag: Is melk slecht bij poly-artrose?
Antw.: Melk bevat fosfor, en bij teveel melkproducten veroorzaakt dat botverweking. Melk kan ook de oorzaak zijn van vermoeidheid.

Vraag: ik heb ook osteoporose en moet daarvoor veel calcium innemen. Ik kan niet goed tegen de medicijnen en drink nu veel melk en eet veel kaas. Maar ik ben wel meer moe.
Antw.: In plaats van melk kan men dan beter het supplement boneprotect gebruiken.

Vraag: Als je iets mankeert heb je dan altijd een voedingsprobleem?
Antw.: Nee, zowel lichaam als geest kunnen problemen geven. De geest kan het lichaam belemmeren om goed te bewegen. Denk maar aan de vrouw van Lot: als je achterom kijkt kan je niet vooruit.

Vraag: Waar dient vitamine B12 voor?
Antw.: Voor het zenuwstelsel, de fitheid en de afweer.

De praktijken van dr. Tisscher zijn gevestigd in:

Bunnik - Regulierring 9
Eindhoven - dr. Cuyperslaan 86
Veghel – Ziekenhuis Bernhoven
Hoogerheide (nieuw)
Desgewenst kunt u voor afspraken bellen met:   tel. 06-13 95 48 71
Op Internet is dr Tisscher te vinden op:   www.drtisscher.org


Samenvatting presentatie mevrouw M. Bongers, diëtist Jeroen Bosch Ziekenhuis, themabijeenkomst “Wat doet Voeding met Reuma”, Reumapatiëntenvereniging 's-Hertogenbosch e.o., Jeroen Bosch Ziekenhuis (W.A), 12 november 2003.

Mevrouw Bongers heeft lang samengewerkt met dr. Tisscher in het Jeroen Bosch Ziekenhuis, locatie Willem Alexander Zkh. Vandaar dat zij goed op de hoogte is van de werkwijze en de materie van dr. Tisscher. Voor buitenstaanders is deze materie soms moeilijk te begrijpen. Zelfs mevrouw Bongers gaf aan, hier wel eens moeite mee te hebben. Haar presentatie was vooral gericht op de te volgen diëten.
Het verhaal is samengevat in de PowerPoint-presentatie, zoals die door mevrouw Bongers gehouden werd. Deze samenvatting is afgedrukt op onderstaande drie bijlagen.

De reden dat ik vandaag uw gast mag zijn, heeft te maken met mijn intensieve samenwerking met dr Tisscher, van 1978 tot 1990.

 

 


 

 

We zijn begonnen met het sojadieet, dit betekent dat men met name de tarwe weg liet. Als de klachten verbeterden ging men terug op water.
Daarna werden de producten één voor één gedurende meerdere dagen getest.


 




Alles wat met de huidtest reactie geeft, wordt geëlimineerd na drie tot zes weken. Eén voor één gedurende meerdere dagen testen.
Een percentage van 25% reageert hetzelfde als bij de huidreactie.

 

 

 


Om alles nog wat nauwkeuriger te doen, gaan we starten met het vasten op bronwater. Na vier dagen wordt gedurende één of meerdere dagen een voedingsmiddel getest.
Bij reactie terug op water, tot de klachten verdwenen zijn.
Dit vraagt om een ijzeren wilskracht!

 





Indien het niet te uitgebreid is, kan men dit gemakkelijk inpassen. Bij een uitgebreide intolerantie is dit zeer moeilijk.

 

 

 

 

Plantaardige producten moeten een grote plaats innemen. Dierlijke producten met mate, vlees vervangen door vis. Margarine en olie met m.o.v. vetten.

 

 

 

Men heeft over het algemeen de indruk dat men méér fruit en groente gebruikt, dan in werkelijkheid het geval is. Het gebruik van 2 maal per week vis, óók de vettere soorten, wordt aanbevolen.

 

 



Wanneer men eet volgens zijn behoefte, blijft het gewicht in balans.
Méér eten dan verbruikt wordt, geeft reserve en stijging van gewicht.

 


 

 


Naarmate men ouder is, heeft men minder nodig.
Mannen hebben een hogere energiebehoefte dan vrouwen. De mate van inspanning heeft invloed op het verbruik.

 

 




Dit is een softwareprogramma waarmee men heel gemakkelijk een aantal zaken kan berekenen.
Ook op www.becel.nl is een programma beschikbaar wat een beoordeling geeft van je voeding.

 

 

 

 


 

 

 

 


 

 

 


 

 


Samenvatting presentatie dr. ir. S. Loman, Pharma Nord, themabijeenkomst “Wat doet Voeding met Reuma”, Reumapatiënten- vereniging 's-Hertogenbosch e.o. , Jeroen Bosch Ziekenhuis (W.A.), 12 november 2003.

 



  “Specifieke voedingsstoffen kunnen helpen bij reumatische klachten”                                                                                                       

Goede Voeding
Goede voeding vormt de basis voor een goede gezondheid. Dit is niet alleen een waarheid als een koe, maar ook de overheid realiseert zich terdege het belang van goede voeding voor de volksgezondheid. Het Voedingscentrum, dat het overheidsbeleid op het gebied van voeding vertaalt in voorlichtingscampagnes (bijv. 'Let op vet'), heeft een 10-tal richtlijnen opgesteld, die tezamen 'Richtlijnen Goede Voeding' worden genoemd. Echter, uit onderzoek van de Gezondheidsraad blijkt dat minder slechts 2% van de Nederlanders eet volgens de richtlijnen Goede Voeding.
Geldt voor een gezond iemand al dat goede voeding belangrijk is, voor mensen met een chronische ziekte gaat dat helemaal op. Een chronische ziekte stelt hogere eisen aan het lichaam en aan de voeding. Aanvulling van de voeding kan dan wenselijk zijn. Niet alleen om een goede voorziening van vitaminen en mineralen te waarborgen, maar ook blijken specifieke voedingsstoffen, in hoge doseringen toegediend, het beloop van vele ziekten en aandoeningen gunstig te beïnvloeden. Hiertoe behoren ook artrose en reumatoïde artritis.

Artrose
In Nederland is artrose veruit de meest voorkomende gewrichtsaandoening. Van ongeveer 600.000 Nederlanders is bekend dat ze artrose hebben, maar geschat wordt dat ruim 3 miljoen landgenoten in meer of mindere mate last hebben van artrose. Artrose is een ziekte waarbij slijtage van het kraakbeen optreedt. Artrose komt veelal voor in de dragende gewrichten (knie, heup, wervelkolom), maar kan ook in de kleine gewrichten optreden. De belangrijkste klacht bij artrose is pijn. De behandeling van artrose bestaat daarom voornamelijk uit pijnbestrijding.
Recent gepubliceerd wetenschappelijk onderzoek wijst uit dat de voedingsstof glucosamine niet alleen de pijn bij artrose bestrijdt, maar tevens dat glucosamine de kraakbeenafbraak tot stilstand brengt.
Ook het mineraal selenium speelt een positieve rol bij artrose en wordt daarom door orthopedisch chirurg Henk Gitz, van het St. Jansdal Ziekenhuis in Harderwijk, aan zijn patiënten geadviseerd.

Reuma
Reumatoïde artritis is de tweede belangrijke gewrichtsaandoening. Het is een ontstekingsziekte van de gewrichten waarbij pijn en stijfheid de belangrijkste klachten zijn. De behandeling van reuma bestaat voornamelijk uit pijnbestrijding en het remmen van het ontstekingsproces. Maar de laatste jaren is duidelijk geworden dat de vetzuren in visolie (EPA en DHA) een gunstig effect hebben bij reuma. Een hoge dosering EPA en DHA werkt pijnstillend, remt het ontstekingsproces en verbetert de bewegelijkheid van het gewricht. Ook selenium is bij reuma actief. Het remt de ontsteking en voorkomt weefselschade.

Conclusie
Concluderend kan gesteld worden dat naast goede voeding specifieke voedingsstoffen ondersteunend kunnen zijn bij gewrichtsklachten.
Het betreft hier glucosamine bij artrose en de omega-3 vetzuren EPA + DHA bij reuma.
Bij beide gewrichtsklachten heeft selenium een gunstig effect op het ziekteproces.


Slot
Tot slot willen wij, de RPV 's-Hertogenbosch e.o., iedereen danken voor de grote belangstelling. Wij mogen stellig concluderen dat deze voorlichtingsmiddag zéér geslaagd was.
Wij hopen met dit uitgebreide verslag een bijdrage te leveren aan een beter inzicht in de zo ingewikkelde materie van voeding, in dit geval ten aanzien van Reuma.
In de samenvattingen worden soms moeilijke begrippen of woorden gebruikt. Laat het anderen lezen of vraag advies aan deskundigen op dit gebied.
Wij hebben enkel getracht u een zo compleet mogelijk overzicht te bieden van datgene wat op deze voorlichtingsbijeenkomst ter sprake is gebracht.
Dit alles om mensen met een reumatische aandoening zo goed mogelijk te informeren.
De Reumapatiëntenvereniging 's-Hertogenbosch e.o. wil zich graag inzetten voor iedereen die een bepaalde vorm van reuma heeft!

 

Deze voorlichtingsmiddag werd mede ondersteund door:

  Pharma Nord ApS
  Naarden

 


P-AL
Het verslag van de lezing van dr. J.R. Tisscher werd grotendeels overgenomen van de website van de P-AL ( Poly- Artrose Lotgenotenvereniging), waarvoor dr. Tisscher een identieke lezing hield over genoemd thema. Met onze dank voor hun medewerking, vermelden wij tevens de website van deze landelijke vereniging:    www.poly-artrose.nl

 

Informatie:                                                                                                      

                       


Dit verslag werd samengesteld door:
Gerrit van der Zalm
(Bestuurslid PR en Lezingen)

 

Naar het begin van de pagina